Kabinet: ‘Beschikbaarheid landbouwgrond belangrijke voorwaarde verdere groei biosector’

Beschikbaarheid van landbouwgrond blijft volgens het kabinet een belangrijke randvoorwaarde voor verdere groei van de biologische sector. Daarom onderzoekt het ministerie verschillende instrumenten, waaronder aanpassingen van de pachtwetgeving en mogelijkheden om biologische ondernemers voorrang te geven bij uitgifte van overheidsgrond. Ook groeit het aantal publieke grondeigenaren dat werkt volgens het principe ‘bio blijft bio’. Het Rijksvastgoedbedrijf geeft bijvoorbeeld biologische pachters een financieel voordeel bij de uitgifte van geliberaliseerde pachtgrond.
15 procent buiten bereik
Het kabinet houdt vast aan de ambitie om in 2030 15 procent van het Nederlandse landbouwareaal biologisch te maken. Hoewel de biologische sector blijft groeien en vrijwel alle onderdelen van het Actieplan Groei van biologische productie en consumptie inmiddels in uitvoering zijn, erkent minister Jaimi van Essen (LVVN) dat de doelstelling voorlopig nog buiten bereik ligt. Uit de jongste voortgangsbrief aan de Tweede Kamer bleek onlangs dat het biologische landbouwareaal op 1 juni 2026 is gegroeid naar 103.535 hectare, inclusief grond in omschakeling. Daarmee is 5,8 procent van het totale Nederlandse landbouwareaal biologisch. Ook het aantal biologische landbouwbedrijven nam toe tot 2.308.
Groei markt en consumptie
De afzet van biologische producten ontwikkelt zich positief. De biologische omzet in de retail passeerde in 2025 de grens van 2 miljard euro, een stijging van ongeveer 9 procent. Vooral brood, zuivel, vlees en droge kruidenierswaren lieten een sterke groei zien. Volgens de minister kiezen steeds meer consumenten bewust voor biologische producten. Tegelijkertijd blijkt uit consumentenonderzoek dat prijs en bekendheid nog altijd belangrijke drempels vormen. Daarom wordt de landelijke campagne 'Biologisch. Met aandacht voor mens, dier en natuur' voortgezet tot en met 2027.
Supermarkten verhogen ambities
De overheid blijft inzetten op afspraken met retailers. Verschillende supermarktketens hebben inmiddels concrete doelstellingen geformuleerd voor het aandeel biologische producten. Albert Heijn verhoogde na het behalen van de eerdere AGF-doelstelling de ambitie naar 10 procent biologische omzet binnen het eigen merk. Jumbo mikt op minimaal 8 procent biologisch AGF in 2026 en 10 procent in 2027. Plus streeft naar 6 procent biologische omzet, terwijl Lidl de omzet van biologische aardappelen, groenten en fruit wil verdubbelen. Aldi heeft geen eigen doelstelling, maar neemt wel deel aan landelijke promotiecampagnes. Ook in de zuivelketen ziet het ministerie beweging. Zo zoekt Royal A-ware in opdracht van Albert Heijn actief naar nieuwe biologische melkveehouders en omschakelaars om aan de groeiende marktvraag te voldoen.
Omschakeling blijft aandachtspunt
Hoewel de markt groeit, benadrukt de minister dat vraag en aanbod met elkaar in balans moeten blijven. Daarom blijft het kabinet inzetten op ondersteuning van ondernemers die willen omschakelen. Het Investeringsfonds Duurzame Landbouw blijkt daarbij een belangrijke stimulans. Inmiddels is ruim 55 miljoen euro aan leningen toegekend aan 130 bedrijven. Opvallend is dat ongeveer de helft van deze bedrijven volledig omschakelt naar biologische landbouw. Daarnaast organiseert het ministerie samen met provincies inspiratie- en kennisdagen voor melkveehouders, met speciale aandacht voor bedrijven rond Natura 2000-gebieden.
Kennis en innovatie
Ook op het gebied van onderzoek en kennisontwikkeling wordt verder geïnvesteerd. Er lopen meerjarige onderzoeksprogramma’s naar onder meer biologische akkerbouw, melkveehouderij, biologische zaadteelt en diergezondheid. Daarnaast is gestart met systeemproeven en wordt gewerkt aan verdere samenwerking tussen biologische, natuurinclusieve en regeneratieve landbouw. Voor het onderwijs is inmiddels de Biocoalitie Onderwijs opgericht, die mbo- en hbo-instellingen ondersteunt bij het opnemen van biologische landbouw in hun opleidingen.
Knelpunten blijven bestaan
Naast de voortgang reageert het kabinet ook op verschillende rapporten over belemmeringen voor biologische ondernemers. Daaruit blijkt onder meer dat biologische boeren nog steeds tegen knelpunten aanlopen bij subsidieregelingen, financiering en administratieve lasten. Volgens de minister worden aanbevelingen uit deze onderzoeken meegenomen bij de verdere uitwerking van beleid, onder meer binnen de gebiedsgerichte aanpak en de vereenvoudiging van regelgeving.
Internationale markt belangrijk
De minister benadrukt tot slot dat ook de internationale markt een belangrijke rol speelt. Nederland blijft daarom inzetten op exportontwikkeling en wil binnen het nieuwe Europese actieplan voor biologische landbouw aandacht vragen voor een gelijk speelveld en betere marktkansen voor biologische ondernemers.
Erik Kruisselbrink
Is als freelance vakbladredacteur van vele markten thuis.
Beeld: Anna Veltman


