Staatssecretaris Erkens ziet geen reden om met convenant gewasbescherming te stoppen

Op de vraag van Den Hollander waarom de maatschappelijke partijen het hoofdlijnenconvenant niet hebben ondertekend, gaat Erkens niet in. ‘Binnen het onderhandelingsproces van het hoofdlijnenconvenant is afgesproken dat de gesprekken met elkaar in vertrouwen kunnen worden gevoerd. Ik wil het daarom aan de organisaties zelf laten om een eventuele toelichting te geven, waarom zij dit convenant niet hebben willen ondertekenen’, geeft Erkens aan.
Geen reden tot stoppen
Het Kamerlid wil ook van Erkens weten hoe hij aankijkt tegen de oproep om het gehele convenant stop te zetten. Negen maatschappelijke organisaties, waaronder Greenpeace, PAN Nederland en Meten=Weten, riepen Erkens eerder door een brief op te stoppen met het convenant. Volgens de organisaties kan het convenant niet rekenen op draagvlak vanuit de samenleving, omdat het niet door maatschappelijke partijen is ondertekend. Natuur & Milieu en LandschappenNL hebben de desbetreffende brief overigens niet ondertekend.
Erkens: ‘Het staat organisaties uiteraard vrij deze mening erop na te houden. Uiteindelijk gaan de partijen die het convenant hebben getekend zelf over het wel of niet slagen van het convenant. Niet-deelnemende partijen hebben daar inderdaad geen vetorecht over.’
Hij ziet dan ook geen aanleiding om het convenantstraject stop te zetten. ‘Integendeel’, stelt hij. ‘Het is juist nu van belang door te gaan om de gemaakte afspraken daadwerkelijk verder uit te werken en vorm te geven. Met het hoofdlijnenconvenant zijn er immers belangrijke afspraken gemaakt over een breed pakket om tegemoet te komen aan de maatschappelijke vraagstukken die bestaan rondom het thema gewasbescherming en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op basis van milieubelastingspunten fors te beperken.’
Juridische status
Dat Natuur & Milieu en LandschappenNL het hoofdlijnenakkoord niet hebben ondertekend, heeft volgens de staatssecretaris geen gevolgen voor de juridische status. ‘Het convenant is rechtsgeldig tot stand gekomen. De bestuurlijke gevolgen zijn dat deze twee partijen zich bestuurlijk niet aan het convenant en het vervolgproces van de uitwerking hebben verbonden.’
Erkens roept de twee organisaties op om het hoofdlijnenakkoord alsnog te tekenen en zich weer aan te sluiten. Als zij dit niet doen, geeft de bewindsman aan niet voornemens te zijn om deze organisaties opnieuw uit te nodigen voor het vervolgtraject.
De staatssecretaris wil verder samen met de onafhankelijk voorzitter en de convenantspartners bekijken hoe partijen die niet aan het convenant deelnemen wel hun mening kunnen delen, zodat deze in het verdere proces meegewogen kan worden.
Geen uitstel
Kamerlid Den Hollander vroeg Erkens ook of hij kan garanderen dat het ontbreken van maatschappelijke ondertekenaars niet leidt tot uitstel van de deelconvenanten, het vaststellen van concrete en afrekenbare reductiedoelen, de oprichting van de gegevensautoriteit en de ontwikkeling van landelijke kaders voor waterkwaliteit, Natura 2000-gebieden en gevoelige functies. Dat is niet het geval, volgens de staatssecretaris. De gestelde deadlines en de afspraken die hierover zijn gemaakt, blijven staan. ‘De bereidheid onder deelnemende partijen is groot om deze deadlines ook te halen.’
Bindende afspraken
Den Hollander vraagt zich daarnaast af welke afspraken binnen het hoofdlijnenconvenant op dit moment politiek, bestuurlijk dan wel juridisch bindend zijn en welke bindend worden na de vaststelling van de deelconvenanten. Volgens Erkens moeten de afspraken en ambities die zijn opgenomen in het hoofdlijnenakkoord nog verder uitgewerkt worden in concrete, juridisch afdwingbare verplichtingen. ‘Voor de uitvoering van veel afspraken zijn immers nog nadere uitwerking, concretisering en afspraken over onder meer instrumentarium, financiering, uitvoerbaarheid en verantwoordelijkheden nodig. Het hoofdlijnenconvenant en de deelconvenanten zullen samen het definitieve convenant zijn dat wordt gepubliceerd in de Staatscourant.’
Tekst: Renske van Valburg
Beeld: Susan Rexwinkel



