Sterke Erven Logo

Q-koorts vaak gemist als oorzaak van vruchtbaarheidsproblemen bij runderen

04 min
Holsteins in de Yorkshire Dales.
Holsteins in de Yorkshire Dales.
Bij Q-koorts denken we doorgaans aan geiten, maar ook bij rundvee kan de Coxiella burnettii-bacterie abortussen veroorzaken. Q-koorts wordt echter vaak over het hoofd gezien als oorzaak van vruchtbaarheidsproblemen, zo blijkt uit het relaas van een Brits melkveebedrijf in vakblad Farmer’s Weekly.

Melkveehouder Nick Tuke runt samen met zijn dochter Laure een melkveebedrijf in het graafschap Dorset met 171 Holsteins. Ze proberen de dieren in een blok te laten afkalven tussen begin augustus en eind oktober. Met behulp van stappentellers voor de tochtdetectie beginnen ze vanaf 1 november met insemineren. Vanaf januari lopen er ook dekstieren mee met de koppel voor de terugkomers.

Maar in het dekseizoen van 2023 viel hen op dat een deel van de koeien niet na 21 dagen terugkwam, maar na 30 tot 35 dagen. Dat gat van vier weken dat ontstond in het afkalfblok was eigenlijk de enige indicator van het probleem, zegt Nick. Verder waren er geen tekenen van zieke koeien. „De conditie was goed, ze produceerden 9.500 tot 9.700 liter per koe en ze vertoonden prima tochtverschijnselen.” Maar het bevruchtingspercentage zakte wel flink terug, vooral bij de pinken. „Normaal hebben we 60 procent met een inseminatie drachtig, maar dat zakte terug naar 35 tot 40 procent.”

Vervangingspercentage liep op

In het afkalfseizoen van 2024 kalfden die vaarzen af tot ver in oktober, en sleepte het afkalfseizoen voort tot in december. Met minder afkalvingen misten ze ook melk. Ze voerden ook extra koeien af vanwege vruchtbaarheidsproblemen. Normaal hadden ze een vervangingspercentage van 20 tot 22 procent, maar dat liep op tot meer dan 30 procent.

Bloedmonsters wezen op Q-koorts

Omdat de veestapel al decennia wordt gevaccineerd tegen BVD, leptospirose en ringworm, en ook altijd negatieve IBR-testen had, kregen ze er niet goed de vinger achter wat het probleem was. Bloedmonsters bij de getroffen koeien wezen uit dat de dieren hoge gehalten antistoffen tegen Q-koorts hadden. Toen ging bij de veehouder Nick Tuke meteen een lampje branden: zijn vrouw had in 1993 ook Q-koorts opgelopen, als gevolg van een tekenbeet. Na overleg met zijn veearts was Tuke er snel van overtuigd dat het een goed idee was om de veestapel te vaccineren tegen Q-koorts. De eerste ronde vond plaats in het voorjaar van 2024 (twee vaccinaties met zes weken ertussen) gevolgd door een booster negen maanden later. Pinken werden op een leeftijd van 10 maanden geënt.

‘Moeite waard om op te testen’

Sindsdien wordt de veestapel elk jaar in juni gevaccineerd en inmiddels draait het bedrijf weer als vanouds. Maar met de wijsheid van nu denkt Nick dat de Q-koorts destijds toch meer teweeg heeft gebracht dan waar hij erg in had. Zo waren er meer vroeggeboren kalveren en dieren die aan de nageboorte bleven staan dan normaal. Hij vermoedt dat Q-koorts vaker voorkomt dan dat melkveehouders beseffen. Volgens hem is het de moeite waard om erop te testen, als er sprake is van vruchtbaarheidsproblemen. Vaccineren tegen Q-koorts kan wat hem betreft absoluut uit. De prijs van het vaccin is gering, als je dat afzet tegen de kosten van een verloren dracht.

‘Q-koorts vaak asymptomatisch of niet gemeld’

De ervaring van Nick Tuke sluit aan bij wat onderzoekers van de Belgische Universiteit van Luik ook zeggen. Zij publiceerden in 2022 een onderzoek naar de diagnose van Q-koorts als oorzaak van abortus bij runderen in het zuiden van België. Q-koorts is een zoönose die wereldwijd voorkomt bij vee, maar vaak over het hoofd wordt gezien als oorzaak van abortus. ‘Bij runderen is Q-koorts vaak asymptomatisch en/of wordt de ziekte niet gemeld.’ Niettemin kan Q-koorts zich onder andere uiten in baarmoederontsteking, aan de nageboorte blijven staan, onvruchtbaarheid, abortus en de geboorte van dode, zwakke of premature kalveren.

De Belgische onderzoekers testten gedurende een jaar een willekeurige selectie van 1.212 runderabortussen. In 8,5 procent van de gevallen met met de PCR-test Coxiella burnettii als oorzaak vastgesteld.

Hoewel de bacterie veel voorkomt op melkveebedrijven, leidt dit in vergelijking met geiten en schapen zelden tot massale abortusgolven. Andere studies uit Europese landen gaan ervan uit dat bij 0,5 tot 5 procent van de abortussen bij rundvee de bacterie de oorzaak is. Een besmette koe heeft ruim twee keer meer kans om te aborteren of een doodgeboren kalf te krijgen dan een onbesmette koe.

Beeld: Jakob Cotton via Unsplash

Bron: Farmers' Weekly

Tags
MelkveeDierenwelzijnDiergezondheidKalfLevensduurMelkproductieVruchtbaarheid